Grote Vos in opmars?

Zowel in het voorjaar van 2018 als in voorjaar 2019 zijn in Nederland opvallend veel waarnemingen van de Grote Vos gedaan (www.vlinderstichting.nl). Dit jaar telt ook Katwijk mee. De afgelopen eeuw is de Grote Vos zo’n zeldzame vlinder geworden dat het eigenlijk bizar is dat er in bij ons dit jaar tot nu toe meer waarnemingen van de Grote Vos dan van de Kleine Vos zijn gedaan; tenminste, als we kijken naar wat er op waarneming.nl is ingevoerd. Het gaat om relatief kleine aantallen: drie verschillende individuen zijn gefotografeerd, en er zijn nog drie (vrij) zekere waarnemingen van voorbijvliegende vlinders gedaan.

Op 24 maart 2019 vonden Truus van Duijvenboden en ik een Grote Vos in de duinrand van de Coepelduynen, langs het zogenoemde Zwarte Pad, dat vanaf Katwijk achter ESTEC en de Van de Bergstichting helemaal doorloopt tot Noordwijk. Deze Grote Vos had een flinke hap uit z’n vleugel. Precies een week later vonden Jeannet Keijzer en René van Rossum op dezelfde locatie een Grote Vos; mogelijk hetzelfde exemplaar en nu nog meer beschadigd. Op 22 april vonden wij op grofweg dezelfde plek opnieuw een Grote Vos (zie foto’s). Ditmaal een bijzonder gaaf exemplaar. Door het opvallend grote formaat (direct te vergelijken met een Gehakkelde Aurelia) denken we aan een vrouwtje.

De Grote Vos kwam tot het begin van de vorige eeuw bij ons in de duinen voor. De laatste decennia is de vlinder zo zeldzaam geworden in Nederland dat de Vlinderstichting de soort bestempelde als ‘mogelijk als standvlinder verdwenen’. Nu de Grote Vos de laatste twee jaar weer opvallend vaak is waargenomen, groeit de hoop dat deze soort zich weer vestigt in ons land. Dan moet er wel voortplanting vastgesteld worden. Omdat deze soort over zeer grote afstanden kan zwerven weten we niet waar de vlinders die we dit voorjaar in en rond Katwijk hebben waargenomen vandaan komen. We hebben ook geen paring vast kunnen stellen, en zelfs geen twee vlinders bij elkaar.

De Grote Vos overwintert als vlinder. De vlinders die we nu gezien hebben komen dus uit winterslaap. We zullen moeten wachten op de zomermaanden voor de eventuele nieuwe generatie. Ondertussen kunnen we ook naar de ‘nesten’ van de rupsen van Grote Vos zoeken.

De Grote Vos houdt van ‘vochtige, open bossen, bosranden, boomgaarden en andere plekken met grote vrijstaande bomen’. De vlinders zijn vooral te vinden op warme, zonnige, open maar beschutte plaatsen. De binnenduinrand dus! De waardplanten zijn iepen, wilgen en Zoete kers. Die hebben we toch ook? Er moeten zeker ook geschikte plaatsen zijn om te overwinteren, zoals holle bomen, stapels hout of oude schuurtjes. Laten liggen/staan dus!

Foto’s: Truus van Duijvenboden, Coepelduynen (Zwarte Pad), Noordwijk, 22 april 2019

  • Joop de Leeuw -

    Geweldig nieuws Gijs! Waarbij ik dan wel moet aantekenen dat het triest is dat er blijkbaar zó weinig Kleine Vosjes worden gezien in de binnenduinrand

  • Gijsbert van der Bent -

    Inderdaad Joop. Slechte zaak. Ik denk wel dat de ‘algemene’ Kleine Vos niet altijd wordt ingevoerd, en de zeldzame Grote Vos natuurlijk wel. Maar het moet gezegd; de afgelopen dagen heb ik best wel veel vlinders gezien (Bonte Zandoogjes, Citroenvlinder, Boomblauwtje, Atalanta, Dagpauwoog, witjes, Oranjetipje, Kleine Vuurvlinder en Gehakkelde Aurelia), maar geen enkele Kleine Vos….

  • Een reactie plaatsen

    Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

    Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.

    error: Content is protected !!