Beren op de weg of toch niet

Er wordt heel wat afgewandeld over de paden in het duin. Zo zijn er vogelteldagen dat ik
daar veel van dezelfde geleedpotigensoort aantref, soms platgetrapt. De ene keer zijn het
oprolpissebedden, dan weer miljoenpoten, dan rupsen van de hageheld, of de harige rupsen
van de grote beer. Wat ze allemaal op de wandelpaden te zoeken hebben, is me niet
helemaal duidelijk.
Tijdens de wintertelling vanmorgen kwam ik vier keer erg grote, harige rupsen tegen op de
paden. Ik was meteen in de veronderstelling weer te maken te hebben met de grote
beervlinder. Maar dat bleek helemaal niet te kloppen met de levenscyclus van die
nachtvlinder. In de herfst zijn er alleen heel kleine rupsjes, die in dat stadium in winterrust
gaan. Al mijn andere foto’s van rupsen van de grote beer zijn uit juni.
Toen ik mijn foto’s van vanmorgen driemaal ging invoeren in Waarneming.nl, gaf die
uitsluitsel. Wat stom van me. Ik had het al kunnen zien aan de mate van harigheid. Het was
geen beer! Het was de veelvraat! De veelvraat hoort net als de hageheld en de rietvink (ja,
echt waar) tot de vlinderfamilie van de spinners. Beervlinders vormen een onderfamilie van
de familie spinneruilen. Een klein verschil in familienaam, een groot verschil in verwantschap.
(Terzijde, op zijn zoogdiers is de veelvraat ook geen beer, maar de grootste marter op land.)
Pas op, de rupsenharen van spinners kunnen irriteren, die van beervlinders eigenlijk nooit.
De veelvraatvlinder vliegt van eind april tot eind juni. De rupsen overwinteren in volgroeid
stadium, verscholen op de bodem. Lekker volgevreten, het zijn niet voor niets veelvraten.

Een reactie plaatsen

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze site gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.

error: Content is protected !!