Notenkraker

De Notenkraker die sinds 19 november midden in een woonwijk in Wageningen bivakkeert (nog steeds?) heeft inmiddels honderden enthousiaste bezoekers getrokken. Hoewel er af en toe invasies zijn van deze soort in Nederland is de Notenkraker buiten invasiejaren heel zeldzaam. Maken we in Katwijk gezien de Wageningse vogel nu ook kans op een Notenkraker? Waarschijnlijk niet. Echt grote invasies, zoals die van 1968, die de grootste van de vorige eeuw is genoemd, beginnen al in de zomermaanden. Dat was in 1968 ook in Katwijk het geval.

Vrijdagavond 23 augustus 1968 kreeg Jo Rampen van boswachter Van Rijn een telefoontje. Van Rijn had in een groepje dennen in het Panbos een Notenkraker gezien. Het lukte Rampen niet de volgende zaterdag om de vogel terug te vinden. Op dinsdag 3 september 1968 krijgt hij echter een herkansing. Hij schrijft in zijn dagboek:

”Even voor vijf uur waarschuwde Arie van Rijn, de zoon de boswachter, dat er op de grote weide in het Panbos een Notenkraker zat. Ik ben er na vijf uur met Truus en de hond direct naar toegegaan, en trof inderdaad een ex. van Nucifraga caryocatactes aan. Gedurende de hele waarnemingstijd, zo’n twintig minuten lang, hopte de vogel rond in een deel van de grote weide, dat met vrij hoog gras en veel kruiskruid begroeid was. Hij bewoog zich niet lopend voort, maar met sprongetjes, uitgevoerd met beide poten tegelijk. Telkens weer pikte hij iets op, van de grond of van grashalmen of planten, waarschijnlijk insecten en dergelijke.
We konden hem tot 10 meter en minder naderen. De assistent van de boswachter had hem tot op enkele meters benaderd. Soms zagen we de vogel niet door de hoogte van de bodembegroeiing. Andere keren zo nu en dan de kop, of iets meer. Als direct materiaal ter vergelijking ontbreekt is bepaling van grootte een moeilijke zaak. Ongeveer een jaar geleden zagen we vele malen in Zwitserland de diksnavelige vorm Nicifrage caryocatactus caryocatactus, en de snavel van de vogel van vandaag kwam ons beiden beslist relatief lang en slank voor. Truus dacht dat deze Notenkraker ook iets groter was dan die exx. welke we vorig jaar zagen. De snavel zou dus op de vorm ‘macrorhynchos’ wijzen.”

 Na een uitgebreide beschrijving van het verenkleed besluit Jo Rampen: “Dit was m’n eerste waarneming in Nederland van deze soort en waarschijnlijk m’n eerste waarneming van de Siberische vorm.” Vrijdag 5 september zag hij de vogel weer. Maar het zou volgens hem ook een andere geweest kunnen zijn, want de dagen ervoor waren er soms ook twee gezien.

De Vogels van Katwijk (1996) meldt over 1968 dat er in Berkheide in juli en augustus van dat jaar maximaal 23 exx. zijn vastgesteld, waarvan er vijf zijn geringd door vogelringstation De Beer. Jo Rampen heeft hier blijkbaar niets van meegekregen, want hij schrijft er helemaal niet over. Na deze enorme invasie kwamen er nog meerdere waarnemingen uit oktober 1977, meerdere uit oktober 1985, uit november 1985 (een vogel in het Panbos), een enkele uit oktober 1988 en twee uit oktober 1991. Er zijn geen latere waarnemingen bekend. Het is inmiddels dus al 27 jaar stil in Katwijk wat Notenkraker-waarnemingen betreft …

Voor beelden van de Wageningse vogel zie https://www.gelderlander.nl/wageningen/superzeldzaam-vogeltje-is-de-ster-van-wageningen~acd15d26/.

Foto: Gerrit van Ommering (duidelijk geen goede vogelfotograaf)

Eén reactie - Een reactie plaatsen
  • Joop -

    …en dat terwijl er zo’n mooie foto van de Notenkraker in onze fotogalerij staat van René van Rossum, genomen in het Panbos…

  • Een reactie plaatsen

    Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

    Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.

    error: Content is protected !!